REËLLES NIEUWS

De oude koning in zijn rijk

“Ik dwaalde vaak door het huis, ontroerd door het feit dat iemand hier alles in het werk had gesteld om een plaats te creëren waar hij zich veilig en behaaglijk kon voelen. Nu was alles ontwricht, de man, het huis, de wereld.”

August Geiger, vader van schrijver Arno Geiger, was altijd al een aparte man, dus wanneer hij halverwege de jaren negentig vreemde trekjes begint te vertonen, irriteert dat zijn kinderen vooral. Als zij ontdekken dat hun vader Alzheimer heeft, realiseren zij zich dat ze al die tijd boos waren op de verkeerde: niet hun vader, maar de ziekte was de schuldige. In ‘De oude koning in zijn rijk’ vertelt Arno Geiger over het leven van zijn vader, waardoor hij werd gevormd en hoe dementie hem afging.

THUIS
De oorspronkelijke, Duitse titel van het boek luidt ‘Der alte König in seinem Exil’. Deze lijkt de lading beter te dekken dan de Nederlandse vertaling ervan, aangezien de ziekte van Alzheimer, tenminste voor August, een gevoel van in ballingschap zijn kan oproepen. “Waar je thuis bent, wonen mensen die je vertrouwd zijn en die in een begrijpelijke taal spreken. (…) Omdat zijn pogingen een gesprek te volgen steeds vaker mislukten en ook het ontcijferen van gezichten steeds vaker misging, voelde hij zich een balling. De mensen die praatten, zijn broers en zussen en kinderen, waren hem vreemd, omdat wat ze zeiden verwarring stichtte en onheilspellend was. De conclusie die zich aan hem opdrong, namelijk dat hier onmogelijk zijn thuis kon zijn, was duidelijk. En volkomen logisch was het ook dat vader naar huis toe wilde, overtuigd als hij was dat het leven dan als vroeger zou zijn.”

De lezer wordt meegenomen door het leven van August: zijn jeugd, zijn diensttijd tijdens (en gevangenschap na) de Tweede Wereldoorlog, die hem ertoe bracht zijn geboorteplaats nooit meer te verlaten, zijn werkende leven, mislukte huwelijk, ten slotte de aftakeling van zijn geest. Arno, een van zijn zoons, gaat weer periodes bij August in huis wonen om hem te verzorgen. “Hoewel ik er nog steeds niet graag aan terugdenk, begrijp ik nu dat er een verschil is tussen opgeven omdat je niet meer wilt, en weten dat je verslagen bent”, schrijft Arno. Mede omdat zijn vader het karakter niet had om met zijn kinderen over zijn ziekte te beginnen, dachten die dat hij stapelgek was geworden, dat hij er zelf voor had gekozen. Pas later concluderen ze dat hij naar alle waarschijnlijkheid wel degelijk heeft gevochten en geworsteld tegen de ziekte, maar uiteindelijk moest toegeven dat die ander had gewonnen.

MEUBELS
Zoals vele schrijvers voor, met en ongetwijfeld na hem, beschrijft Arno Geiger het leven, en dan met name het laatste deel, van het leven van een dierbare. Ook Arno beschrijft hoe zijn vader langzaam verslechterde en vergeetachtig werd. Hij beschrijft de situaties zoals zij zijn, zonder ze overdreven geestig of dramatisch te willen maken. “Bij een andere gelegenheid antwoordde hij op mijn vraag of hij zijn eigen meubels niet herkende: ‘Ja, nu herken ik ze!’ ‘Dat mag ik hopen,’ zei ik lichtelijk vanuit de hoogte. Maar hij keek me teleurgesteld aan en zei: “Dat is helemaal niet zo eenvoudig als jij denkt. Ook andere mensen hebben meubels als deze. Je kunt nooit weten.’” Deze anekdotes worden afgewisseld met gedachtes en observaties van de schrijver over deze specifieke situaties en het op deze manier met zijn vader leven in het algemeen. Zo vervolgt hij in dit geval: “Dat antwoord was zo ongelooflijk logisch en op zijn manier overtuigend dat ik gewoon boos was. Hoe was het mogelijk! Waarom voerden we die discussie als hij in staat was zoiets te zeggen? Van iemand die intelligent genoeg was voor dergelijke nuances, mocht ik verwachten dat hij zijn huis herkende. Mis poes!” Door zijn eenvoudige maar filosofische manier van schrijven over de situatie komt de schrijver soms tot verrassende conclusies. Het boek gaat dan ook minder over de ziekte op zich, en meer over de omgang tussen de auteur en zijn vader en de observaties en wijsheden die daaruit voortkomen. Tussen de hoofdstukken van het boek staan korte vraaggesprekken tussen hen waaruit de kwetsbaarheid en eigenzinnigheid van die laatste goed naar voren komt. “‘Ben je bang om dood te gaan?’ ‘Het is een schande dat ik het niet weet, maar ik kan het je niet zeggen.’”

GERUSTSTELLING
Na verloop van tijd leren de schrijver, de verzorgsters van zijn vader en de omgeving omgaan met de ziekte van August. “De enige overgebleven plek voor een samenzijn dat de moeite waard was, was de wereld zoals mijn vader die waarnam. We zeiden zo vaak mogelijk dingen die zijn visie bevestigden en hem gelukkig maakten.” Zoals Arno zegt, de objectieve waarheid kwam er zo bekaaid van af, maar dat maakte niets uit. Hoe geruststellender een verhaal was voor zijn vader, hoe beter.

August woont nog een aantal jaren in zijn eigen huis, maar dan wordt besloten dat de zorg die hij nodig heeft, daar niet meer kan worden gegeven. Arno’s broers en zus vinden de sfeer er vreselijk, maar Arno raakt eraan gewend en komt er (bijna?) graag. Hij gaat minder angstig naar de toekomst kijken en hij heeft veel geleerd naar aanleiding van de ziekte van zijn vader.

KLIM OOK IN DE PEN
Heb jij dit boek ook gelezen? Reëlle hoort graag wat jij ervan vond! Of ken je een ander boek over dementie/Alzheimer waarvan jij wijzer bent geworden? Laat het ons vooral weten!


REACTIES

De oude koning in zijn rijk

SCHRIJF EEN REACTIE

code
Klik hier als u de code niet kunt lezen.
Velden met een * zijn verplicht.
REËLLE TWITTERT
VOLG REËLLE